Article
0 comment

Dans les champs de Flandres-

Vierde etappe vlucht Camille ~ over de grens: van Westouter naar Steenvoorde

Uit het vluchtverslag van Camille Tiersen

Uit het vluchtverslag van Camille Tiersen

Het is december 2014 en ik heb een dilemma: Camille schrijft in zijn vluchtverslag dat hij in 1915 het Heilig Vormsel kreeg in Westouter, maar hij vermeldt niet in welke maand. Vervolgens schrijft hij dat de vluchtelingen in Westouter bevel kregen om verder te trekken. Is dit qua tijdslijn correct?
Er is namelijk ook nog dat stuk papier dat ik heb geërfd, op het eerste zicht een gewoon kladpapier, waarvan je verwonderd kan zijn dat het generatie na generatie bij de familiedocumenten bewaard is gebleven. Op dat stuk papier heeft Camille in potlood de chronologische volgorde van hun vluchtroute genoteerd, zonder veel detail. Volgens dat document zou het gezin van Camille eind 1914 verder getrokken zijn over de grens tot in Steenvoorde, om later terug te keren naar Westouter. Omdat Camille deze notities veel vroeger in zijn leven neerkrabbelde dan zijn vluchtverhaal, hecht ik er veel belang en juistheid aan. Hij vernoemt zelfs de familienaam van een boer in Steenvoorde waar ze verbleven, met de straatnaam er bij! Het ultieme bewijs dat hij dit neerpende toen hij nog meer details uit zijn geheugen kon putten. December 2014 is dus het moment om de volgende etappe te stappen. Het kan de foute maand zijn waarin ik de etappe stap. Maar ze stapten die route elk geval. Van Westouter naar Steenvoorde, een 16 tal km!

De buren dichter dan gedacht
Ik start dus in Westouter en neem de Boeschepestraat. In november deed ik al een poging de route met de auto te rijden. Ik reed toen hopeloos verkeerd door de dikke mist want me oriënteren op de bergen was geen optie die dag. Te voet ben ik beter gewapend: ik heb de wandelknooppuntenkaart mee, met de opeenvolgende te volgen nummers netjes op een papiertje genoteerd én vooral: er is geen mist.
December en nog vruchtbare akkersNet buiten het dorp zie ik aan de linkerkant nog gewassen op de akkers, die ik tot mijn spijt niet herken, ik ben dan toch minder de plattelandsbewoner dan ik dacht te zijn.
De Zwarteberg schemert in de verte aan de horizon.  Ik heb me al dikwijls afgevraagd welke weg vluchtelingen volgden: waren ze ingelicht over de te volgen route? Stapten ze zoveel mogelijk rechtdoor? Ik neem aan dat de bergen in deze fase een rol hebben gespeeld. Ze zijn prominent aanwezig in het mooie landschap rondom mij. Ik ga dus zoveel mogelijk rechtdoor, in de richting  van de hoogst zichtbare berg, de Catsberg, en ploeter via onverharde, modderige veldwegels verder weg richting Frankrijk. Het verhaal van Camille zal me een paar Als wandelaar de ruiterroute volgen is niet altijd een goed ideewandelschoenen kosten, zoals je hiernaast kan zien. Ik ben toevallig naast de knooppunten ook de ruiterroute aan het volgen en dat blijkt voor een wandelaar geen al te goed idee. Wat verder hoor ik plots het klotsend geluid van het flesje water dat ik mee heb in mijn rugzak. Denk ik …
Tot het klotsend geluid aanzwelt en ik me in een reflex omdraai om net op tijd te zien dat ik beter een stapje opzij zet voor de ruiters die in galop mijn richting uit komen.
Ruiters langs het Ruiters padDouaniers kom je in dit grensgebied niet meer tegen. Dat elk land graag zijn eigen karakter behoudt, merk je echter dadelijk zodra je de grens over bent: het bordje met de wandelknooppunten verandert plots in een andere vorm en heeft een andere kleur rood en zo stel ik vast dat ik de onzichtbare landsgrens ben gepasseerd.
Ik stap iets verder voorbij hoppestaken in wintertooi, zonder hopperanken dus. Op oude foto’s die dateren uit de jaren voor de oorlog, bemerk je nog heel wat hoppevelden rondom Westouter. Wie graag eens snel neust in oude postkaarten, kan hier klikken: http://www.westhoekverbeeldt.be-Westouter
In the middle of nowhere, zie ik een eerste mogelijke stopplaats maar ik ben in goede vorm Wegwijzer auberge Hommelhof– bovendien is de zaak nog niet open – en wandel gezwind door. Nadat ik een camping à la ferme ben voorbij gewandeld – heel net en verzorgd overigens – zie ik het topje van een kerktoren. Op de kaart lees ik dat dit Berthen is. Ik klim en ik daal af langs de rustige landelijke wegen en leer een nieuwe berg kennen: Mont Kokereel. De tocht is behoorlijk lastig omwille van het heuvelachtige landschap en het is ook niet bijster warm.

Ongevaarlijke jager

Ongevaarlijke jager

Ik hoor de hele ochtend al jagers in de verte.Het past wel bij mijn missie die dag: hoogstwaarschijnlijk hoorden Camille en zijn familie ook wel geschut achter zich. Camille spreekt in zijn vluchtverslag van de Boeschepeberg. Ik heb mijn route zodanig uitgestippeld dat ik er voorbij kom. Ook alweer een behoorlijke klim.
De antenne die de Catsberg al jarenlang typeert, komt inmiddels dichter en dichterbij in het landschap. Ik beklim de Col de Berthen, 109 meter staat er op een bord langs de weg. Hoog of ver? Iets verder moet een mountainbiker in ieder geval van zijn fiets springen om het laatste stuk van de col te voet af te leggen.

Reizigers uit alle tijden worden verwelkomd aan een kapel op de Catsberg

Reizigers uit alle tijden worden verwelkomd aan een kapel die zich bevindt in de helling richting Catsberg

De abdij bovenaan de Catsberg ligt er zoals steeds rustig bij. Alhoewel, het middaguur is net verstreken en uit de ijzeren poort die de toegang afsluit, stromen een groot aantal misgangers naar buiten, die de zondagse kerkdienst in de abdij hebben bijgewoond.
Rechts van die poort is er een kleine kerk, vrij toegankelijk. Uiteraard neem ik er een kijkje. Op een tafel, rechts van de ingang, lees ik een Franstalig gedicht. Na de eerste regels heb ik het door: het is In Flanders Fields van John Mc Crae, een versie van Jean Pariseau. Ik heb inmiddels opgezocht wie Jean Pariseau is: een Canadese  militair-vliegenier, actief na de Eerste Wereldoorlog. Hij werd later militair historicus en vertaalde het beroemde gedicht van de Canadees John McCrae. Aan de abdijmuur buiten, rechts van de kerk, worden Canadese troepen herinnerd die waarschijnlijk de Catsberg bevrijdden. Logisch dus dat de Frans Canadese versie van het gedicht in het kerkje een bijzondere plaats heeft gekregen.
Hier eindigt deze etappe. Ik geraakte (nog) niet in Steenvoorde. De volgende keer dat ik de etappe probeer moet ik vroeger opstaan, minder kleren mee zeulen, een stevige picknick mee nemen en vooral volhouden natuurlijk. Ik beschouw deze dag als een training voor de vierde etappe. Denk echter niet dat ik aan het slabakken ben, 16 km stappen is echt wel ver voor me. En ik kijk al uit naar zondag 14 december. Die dag heb ik afspraak met de schoondochter van de landbouwer in Steenvoorde waar Camille in 1914 of 1915 verbleef. De dame is 95 jaar.

In Flanders Fields, vertaald door Jean Pariseau, Franstalig Canadese militair en historicus

In Flanders Fields, vertaald door Jean Pariseau, Franstalig Canadese militair en historicus

 

 

 

 

Geef een reactie

Required fields are marked *.