Article
1 comment

De laatste weken van een Belgische brancardier

Merkem
Als je de website van het dorp opent http://www.merkem.be/, word je meteen geconfronteerd met een zwart wit foto uit 1917. Het dorp was in dat oorlogsjaar al herschapen in een landschap, waar je zelfs tijdens een ongevaarlijke nachtmerrie niet wil in rondzwerven.

Brancardier, 13e Linie, 11e Cie

Marcel Tiersen, Brancardier, 13e Linie, 11e Cie

Mijn grootoom Marcel, Belgische brancardier tijdens WOI, was gedurende meerdere maanden in die omgeving ‘aan het werk’. Zijn sterfdatum is onlosmakelijk verbonden met het dorp, want hij stierf op 17 april 1918, de datum die gekend staat als de Slag om Merkem.
Hoog tijd dus in deze herdenkingsperiode, om Merkem beter te leren kennen.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Onderweg langs Vlaamse velden, in de voetsporen van een Belgische brancardier

Met een klein, maar zeer geïnteresseerd groepje, gingen we vorig weekend op stap met Miguel Bouttry van Rent a guide, die voor ons een gepersonaliseerde tocht uitwerkte, op basis van hetgene we weten over Marcel.
Marcel werd 18 jaar in 1916. Dit zal niet uitbundig zijn gevierd, want 18 jaar worden in oorlogstijd betekende opgeroepen worden tot het leger. Marcel woonde op dat ogenblik samen met zijn ouders, broer Camille en twee van zijn zusjes in Westouter, in een zelfgemaakte vluchtelingenbarak. Hij was net voor de oorlog afgestudeerd als onderwijzer, of hij was student onderwijzer, dat weten we niet precies. In ieder geval werd hij ingelijfd als brancardier bij de 13de Linie, 11e Cie van het Belgische leger. Over deze compagnie van de 13de Linie is niet zoveel terug te vinden, toch niet over die laatste maanden dienst van Marcel, ofwel heb ik nog niet grondig genoeg gezocht. Ze waren in ieder geval onder andere in Ramskapelle gelegerd, maar onze tocht stond in het teken van 1918, Marcel in sector Merkem – Langemark.

St. Bavo kerk Merkem

St. Bavo kerk Merkem

Niemandswater
Het werd al snel duidelijk tijdens de uitleg door Miguel, dat Merkem het zwaar te verduren kreeg tijdens de Groote Oorlog. Het dorp ligt dicht bij de IJzer en de Martjevaart vormt één van de grenzen van de gemeente. Het verhaal van de onderwaterzetting door de Belgen was dus nooit ver af. Niemandswater wordt wel eens als term gebruikt, weet Miguel ons te vertellen, voor het gebied tussen Merkem en Noordschote dat tijdens de Eerste Wereldoorlog onder water werd gezet.
In oktober 1914 werd al hevig om het dorp gevochten en in december van datzelfde jaar werden de laatste inwoners weggevoerd naar Torhout. Wie kon stappen, was al lang weg. De overgebleven bewoners waren de niet mobiele bejaarden en tien kloosterzusters. Het front stabiliseerde in 1915 en Merkem werd een zogenaamde rustsector, een sector zonder zware aanvallen.
Tot in 1917. Vanaf dan werd het een gevechtssector tot het einde van de oorlog.

Juli 1917
De Fransen namen sector Merkem opnieuw over van de Belgen. De Slag om Passendale was immers begonnen waarbij op dat moment uiteraard niemand wist dat de derde Slag bij Ieper in Passendale zou stranden. De bezette Vlaamse kust bereiken was het echte doel van deze grootschalige aanval, die door de Britten en de Fransen werd gelanceerd. Er waren plannen om het Belgische leger later te laten deelnemen, eens de geallieerden voorbij de lijn Diksmuide-Klerken-Bos van Houthulst zouden geraken. Deze doorbraak kwam er echter niet en zo werd het Belgische leger gespaard bij deze slag die onvoorstelbaar veel levens kostte.
Merkem kreeg in die periode een regen van naar men schat 2.000.000 granaten over zich heen, onnodig uit te leggen dat deze situatie voor elke militair, langs welke zijde ook, onmenselijk zwaar zal zijn geweest.
In de winter van 1917 – 1918, de laatste winter van Marcel, vielen de Duitsers de Belgische voorposten bij Merkem geregeld aan. Er kwam opnieuw beweging aan het front, dit maal van Duitse kant, de Duitsers die zich ten volle concentreerden op het Westelijke front na de Oktoberrevolutie in Rusland en de daaropvolgende vrede tussen beide landen. Nog zowat een paar miljoen granaten omwoelden Merkem en de dorpen erom heen.

Ferme Jesuïtengoed in WOI - uiteraard is dit niet hetzelfde gebouw

Locatie Ferme Jesuïtengoed tijdens WOI – uiteraard is dit niet hetzelfde gebouw

Het was nog niet gedaan. 17 april 1918.
Er was een Duits (niet geslaagd) offensief geweest eind maart, begin april bij Amiens (FR), gevolgd door een aanval bij Ieper. Op 17 april vond een grote aanval plaats bij Merkem, gericht tegen de Belgen. In diezelfde periode was ten zuiden van Ieper de Slag om de Kemmelberg (noot: die plaats vond op 25 april 1918) in voorbereiding, dicht bij de plaats dus waar de rest van het gezin van Marcel op dat moment nog altijd verbleef, de vluchtelingenbarak in Westouter.  De Duitsers wilden op die manier Ieper langs noordelijke en zuidelijke kant tegelijk aanvallen om zo uiteindelijk bij de Franse kust te geraken.

De Slag om Merkem

Locatie Post Aschhoop

Locatie Post Aschhoop

Miguel nam ons mee langs de locatie van Ferme Jesuïtengoed en Post Aschhoop. De Belgen verscholen zich onder andere op deze plaatsen, sinds november 1917. Tijdens de Slag om Merkem, 17 april 1918, werd om en bij die locaties hevig gevochten. De Duitsers namen deze plaatsen in maar later op de dag heroverden de Belgen diezelfde posten opnieuw. Miguel wijst ons op een vlag, midden in de velden. De vlag duidt de plek aan van de restanten van een Duitse bunker. Het is de Epernon bunker (noot: de bunker ligt op privé grond). De bunker lag dicht bij hoeve Epernon. Deze boerderij was geen eigendom van een familie Epernon, zoals je zou kunnen denken, neen: Epernon is een gemeente niet zo ver van Versailles en de boerderij kreeg deze naam door de Fransen toegewezen. Het was een algemeen verbreide gewoonte van de Fransen en de Britten om lokale plaatsen een naam toe te kennen die verwees naar een plaats uit hun eigen regio of geschiedenis.

Een restant van een Duitse bunker midden in de velden, toont aan waar de Duitse lijn zich bevond

Een restant van de Duitse ‘Epernon’ bunker in de velden te Merkem, toont aan waar de Duitse lijn bij post Aschhoop zich bevond

Het is vreemd te horen vertellen dat de Slag om Merkem een overwinning was van het Belgische leger, als je eigen grootoom daarbij om het leven kwam. Voor het Belgische leger was deze overwinning echter een grote morele opsteker, na zovele jaren een verdedigende positie te hebben ingenomen.
Marcel bevond zich die 17de april echter niet in Merkem zelf, maar in Langemark. De Slag om Merkem beperkte zich niet tot het grondgebied van die ene gemeente, maar strekte zich verder uit. We reden dan ook richting Langemark.

Duitse bunker Beekstraat Langemark

Duitse bunker Beekstraat Langemark

In de Beekstraat, even ten noorden van de Duitse begraafplaats te Langemark, bevindt zich een Duitse bunker uit de 2de linie. Een ander type bunker dan de ‘prefab’ bunkers die je in de Duitse begraafplaats wat verderop aantreft, die deel uitmaakten van de eerste Duitse linie.
Als je van bij die bunker in de Beekstraat in de richting van de dorpskern van Langemark kijkt, zie je een lichte helling. Zoals op zoveel plaatsen langs de frontlijn in de Westhoek, merk je maar al te goed hoe een miniem hoogteverschil aan één van beide partijen voordeel kon bieden. De beek in de Beekstraat zal overigens ook zijn rol hebben gespeeld. We reden verder tot bij het station van Langemark.

Eindstatie Langemark

Station Langemark - voor WOI kwam hier spoor Ieper - Torhout langs

Station Langemark – voor WOI kwam hier het treinverkeer Ieper – Torhout langs

Langemark is al heel vroeg in 1914 door de Duitsers bezet geworden. Het verhaal van de Studentenschlacht past niet in het verhaal dat ik vandaag breng. De gevechten waaraan tal van jonge Duitse onervaren studenten deelnamen, vonden trouwens niet in Langemark zelf plaats, maar wat verder weg (Miguel toont ons wat later de echte locatie van die veldslag, ergens tussen Bikschote en Noordschote).
Ons verhaal gaat over april 1918, toen een aantal eenheden van het Belgische leger dicht bij Langemark waren gelegerd. Marcel, mijn grootoom brancardier, was er aan het werk. Dit ontdekte ik een aantal maanden terug via de onuitgegeven biografie van chirurg Louis Ronse. Hij schreef het volgende:
“Vooral toen wij in Langemark zaten had ieder van ons de handen vol. Men vocht om de Kemmelberg. De Duitsers hadden een verwoed offensief ingezet en wij zaten benepen in een hoek bij het station van Langemark. Wij waren er gekomen op zaterdag 13 april en bezetten de molen, in oorlogstaal genaamd “Springfarm”.
Op 17 april 1918 had een verwoede aanval plaats op onze posten. Wij beleefden schrikkelijke momenten en mijn makker brancardier Marcel Tiersen werd nevens mij doodgeschoten, een bal door het hoofd. Wij voelden ons woest en ellendig doch bleven steeds bereid onze gekwetste makkers uit hun netelige toestand te redden. Hoeveel gekwetsten en doden wij tot bij de hulppost droegen of sleepten weten wij niet. De hulppost lag achter de Steenbeek en ik zie nog voor mijn ogen onze brave aalmoezenier, monsieur l’abbé Française, gebogen over de stervenden en ik hoor hem nog zeggen:”Non ce n’est pas permis!”. De dokters werkten slag om slinger om te helpen zoveel er te helpen viel.”
De biografie is te lezen op http://www.vuurwacht.be/exclusief/.

Steenbeek en Belgomilk

Marcel, de Belgische brancardier, droeg van uit deze velden wellicht honderden slachtoffers naar de hulppost, tot hij zelf zwaar gewond werd en heel snel overleed.

Peter_Steenbeekmolen

Heel dicht bij de plaats waar de brancardier gewond werd

We zijn dus bij het eindstation van Marcel aanbeland, eindstatie Langemark. Miguel heeft voor ons opgezocht waar de hulppost mogelijk kan zijn geweest. In deze velden, dicht bij de Steenbeek, niet ver van het station van Langemark, zal Marcel tijdens zijn laatste levensdagen zijn werk als brancardier hebben uitgevoerd. De exacte locatie van de Steenbeekmolen waar de hulppost lag – Springfarm genoemd door de Britten – is niet meer te duiden in het landschap. Misschien vind ik de precies locatie later nog terug, wie weet, dat is dan weer stof voor een nieuw blogbericht.
Dit is een heel confronterende plaats tijdens onze tocht.
Maar onze rondrit was nog niet ten einde. Gewonden – ook een gewonde brancardier – werden van het slagveld afgevoerd en via een evacuatieroute weg van het front gebracht. De verwonding van Marcel was bijzonder ernstig, een kogel in het hoofd. Op het overlijdensverslag van het leger, Certificat de décès, staat:
‘Est décédé pendant son transfert du poste de sécours à l’hôpital militaire de Beveren’.

Evacuatieroute
We rijden weg uit Langemark, richting Zuidschote, waar een Belgische eerstehulppost was gevestigd. Verder nog langs Abelenhof in Reninge, waar een chirurgische post was geïnstalleerd, zie Inventaris onroerend erfgoed – Abelenhof.
Uiteindelijk stoppen we – de rit heeft toch wel een vijfentwintig minuten geduurd en dit aan een rustig tempo langs de landelijke wegen – bij het vroegere rustoord De Klep. Dit rustoord werd tijdens de Eerste Wereldoorlog ingericht als Belgian Field Hospital, meer lezen: http://www.oorlogserfgoedalveringem.be/nl/hoogstade/militair-hospitaal-clep.html.
Miguel wijst ons op de inderdaad lange afstand die gewonden moesten afleggen tot wat toch enigszins als een ziekenhuis kon worden aanzien. En dat om te beginnen door middel van een draagberrie, daarna met wagens of karren, zonder enig comfort, of per spoor. Marcel heeft het hospitaal van Beveren niet levend gehaald. Eind 1916 werd in Beveren aan de IJzer een militair hospitaal gebouwd met een 25-tal barakken (toch behoorlijk groot: ongeveer 30 op 5m). Daar is niets meer van te zien.

Belgische begraafplaats West-Vleteren

Ingrid, Peter en Jurgen Tiersen bij het graf van grootoom brancardier Marcel Tiersen

Ingrid, Peter en Jurgen Tiersen bij het graf van grootoom brancardier Marcel Tiersen

Onze namiddag In de voetsporen van Marcel de brancardier zit er op. We eindigen heel logisch bij het graf van Marcel, helemaal achterin de begraafplaats van West-Vleteren. We zijn met zijn allen stil geworden door het verhaal. Het was en is echter bijzonder boeiend, de eigen familiegeschiedenis te kunnen situeren in de algemene Groote Oorlog geschiedenis.

Peter_Elke

En de volgende generatie wordt stilaan ook ondergedompeld in de familiegeschiedenis.